Nieuwsbrief Oktober 2011

Geachte lezers,

De afgelopen maand was voor het notariaat zeer enerverend.

Allereerst raakte de beroepsgroep in een gigantische operatie verzeild vanwege het Diginotar-drama. Deze firma verleende diensten aan de Nederlandse overheid, en ook aan het volledige notariaat in de vorm van certificaten voor digitale handtekeningen, die nodig zijn voor digitaal gegevens- en documentenverkeer, bijvoorbeeld richting kadaster. Diginotar raakte in opspraak wegens (aanvankelijk verzwegen) gebrek aan beveiliging; zij ging daardoor uiteindelijk zelfs failliet.
Daarom moest hals over kop een ander bedrijf de voor de praktijkuitoefening noodzakelijke dienstverlening overnemen. Er werd een deal gesloten met Getronics, maar het opnieuw voorzien van het gehele notariaat van enkele duizenden beveiligde digitale handtekeningen duurde toch wat langer dan men dacht.
Inmiddels werden ook de kantoorcertificaten ingetrokken. Hier werd GlobalSign de nieuwe partner.
Men rekent erop 1 november a.s. deze gehele operatie te hebben afgerond.
Er moet tijdelijk worden gewerkt met door het kadaster ingevoerde noodprocedures.

Ondertussen was het prinsjesdag met traditioneel het nodige wetgevingsnieuws.
Veel aandacht ging daarbij uit naar de bezuinigingen. Helaas was er minder positief nieuws voor het notariaat.

De regering gaf te kennen de jarenlang voorbereide, reeds aangenomen, vrij ingrijpende wetgeving inzake de personenvennootschappen te gaan intrekken.
Bovendien werd aangekondigd dat men voornemens is de wet te willen wijzigen in die zin dat de notariële tussenkomst voor een eenvoudige BV (1 oprichter, 1 bestuurder) niet meer nodig zou zijn.
Dit heeft een storm van kritiek opgeleverd vooral van deskundigen, betrokken professionals en wetenschappers. Deze ondoordachte actie staat inmiddels ook politiek hevig ter discussie.

Tevens moest de beroepsgroep zich gaan voorbereiden op andere nieuwe wetgeving.
Per 1 januari a.s. wordt het huwelijksvermogensrecht aangepast (Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek). De regering streeft er bovendien naar de wijziging van de wetgeving omtrent B.V.’s ook al per die datum in te laten gaan. De zogenaamde flex-BV zal dan zijn intrede doen. Een groot aantal dwingende regels worden daarmee afgeschaft en een aantal nieuwe mogelijkheden voor vormgeving van die rechtspersoon gaan ontstaan. Het vereiste minimumkapitaal van € 18.000 wordt afgeschaft.
Daarnaast raakt ook de invoering van boek 10 van het Burgerlijk Wetboek (internationaal privaatrecht) per 1 januari 2012 het notariaat.
En verder was er ‘business as usual’: kleinere wetswijzigingen, belanghebbende rechtspraak en tussendoor kwamen er ook nog een paar klanten op kantoor (bijna 200 afspraken in september), niet te vergeten de andere activiteiten zoals cursussen, congressen, kantoorrepresentatie, personeelszaken, werkverdeling, intern overleg en aansturing etc. etc.
Tussendoor kwam ook nog een televisie-uitzending van RADAR waarin aandacht werd besteed aan de problematiek van artikel 10 Successiewet in verband met het op naam van de kinderen zetten van de eigen woning.
Dit leverde de nodige telefoontjes op en een aantal besprekingen ter beoordeling van vroeger reeds geregelde situaties.
Verder ook nog het volgende:
Veel mensen zijn ongerust over mogelijke verjaringssituaties per 1 januari 2012 en werd de wijziging van de Notariswet en aanverwante regelingen aangenomen waardoor ook de organisatie van het notariaat en de tuchtrechtspraak grotendeels zal wijzigen. Het notariaat verweerde zich verder ook fel tegen de verhoging van de griffierechten, hetgeen bepaalde diensten vanuit het notariaat duurder zal maken.
3 november a.s. ondergaat het kantoor bovendien weer een kwaliteitsaudit, hetgeen ook enige voorbereiding vergt.
Boeiend maar druk.
Toch hebben we een aantal interessante zaken voor u verzameld.

Veel leesplezier!

Notariskantoor Moonen.

ENKELE INTERESSANTE PUNTEN UIT DE MILJOENENNOTA

Een aantal nieuwigheidjes van Prinsjesdag:

  • Zelfstandigenaftrek wordt per 1 januari 2012 omgevormd tot een vaste basisaftrek ad € 7.280. Men kan in 2011 de maximale zelfstandigenaftrek van € 9.484 behalen door kosten naar voren te halen.
  • De spaarloon- en de levensloopregeling worden per 2012 afgeschaft. In plaats daarvoor komt per 2013 het vitaliteitssparen. Het spaarloon wordt eenmalig volledig opneembaar. Wie nu fiscaal gunstig maximaal inlegt, kan in januari volledig laten uitkeren.
  • Ter beschikking gesteld vermogen hoeft bij echtscheiding niet meer fiscaal (voor de helft) te worden afgerekend in geval van gemeenschap van goederen. Er komt een doorschuiffaciliteit in de wet. Deze ongelijkheid is daarmee weggewerkt.
  • De dotatie voor de Fiscale Oudedags Reserve (12%) kent nu nog een maximum van € 11.882. Dit wordt in 2012 € 9.382. Dus: maximaal pensioen in eigen beheer  reserveren in 2011 als het kan.
  • Per 1 januari 2012 verdwijnt de afvalstoffenheffing en de grondwaterbelasting. In 2013 o.a. de verpakkingenbelasting.
  • In de vennootschapsbelasting wordt de giftenaftrek voor algemeen nut beogende instellingen (ANBI) gewijzigd. Nu is dat nog maximaal 10% van de winst, met een drempel van € 227. Vanaf 2012 groeit het percentage jaarlijks tot 50% met een maximum van € 100.000. De drempel vervalt.
  • De overdrachtbelasting voor woningen wordt per 1 juli 2012 weer verhoogd naar het "oude" tarief van 6%. Ter stimulering van de woningmarkt heeft het kabinet per 15 juni 2011 het tarief voor de overdrachtsbelasting (tijdelijk) verlaagd naar 2%. Deze tijdelijke verlaging naar 2% komt per 1 juli 2012 te vervallen.
  • Het partnerbegrip voor de Wet Inkomstenbelasting 2001 wordt uitgebreid, waardoor ook ongehuwd samenwonenden die staan ingeschreven op hetzelfde adres volgens de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) als partners worden aangemerkt indien op dat adres tevens één minderjarig kind van ten minste één van hen beiden staat ingeschreven.
  • Zowel voor gehuwden als voor ongehuwd samenwonenden vallen meer testamentconstructies voor wat betreft de Wet Inkomstenbelasting 2001 gunstiger uit. Niet-opeisbare vorderingen van (stief)kinderen op (stief)ouders worden in alle situaties defiscaal, zodat er geen jarenlange heffing in box 3 meer plaats vindt.
  • Een executeur, die belast is met de afwikkeling van een nalatenschap, is voortaan wettelijk verplicht om de aangifte voor de erfbelasting zelf te ondertekenen en bij de Belastingdienst in te dienen. Hij kan niet langer volstaan met ondertekening door de erfgenamen. Die ondertekening houdt voor de executeur namelijk hoofdelijke aansprakelijkheid voor de erfbelasting in.

Tot nu kon de executeur vermogen van de overledene in het buitenland 'verzwijgen' voor de erfgenamen, die aangifte deden zonder vermelding van deze goederen of tegoeden.
De executeur was niet aansprakelijk (deed zelf geen aangifte) en de erfgenamen 'wisten niet beter'.
Zodoende kon men zonder risico proberen erfbelasting over die goederen of tegoeden te vermijden.
Deze truc, waarbij er dus bewust vermogen in het buitenland was ondergebracht, heette de Edelweiss-route (bijvoorbeeld via Liechtenstein) en is per 1 januari 2012 verleden tijd.

NOTARIËLE VOLMACHT IN TREK

Veel cliënten beseffen zich dat bij het ouder worden ook het gevaar groter wordt dat al dan niet plotseling een situatie kan ontstaan dat men niet meer de eigen belangen kan behartigen.
De wet kent daarvoor officiële instituten zoals curatele, bewind en mentorschap.
Echter is de situatie niet altijd zo ernstig dat naar deze middelen moet worden gegrepen. In verband daarmee is er de laatste tijd erg veel vraag naar een notariële volmacht aan de partner, of aan één of meer kinderen. Dit is bewijstechnisch de zwaarste dus betrouwbaarste vorm.
Daarin wordt op verzoek van de betrokkene ook regelmatig opgenomen dat deze volmacht ook nog mag worden gebruikt bij geestelijke uitval. Op grond van heersende rechtspraak is dat zonder meer geldig, zeker in niet-problematische gevallen ook aan te bevelen. Deze volmacht in de sterkst mogelijke vorm is zelfs nog bruikbaar na het overlijden, bijvoorbeeld in de eerste periode daarna. Zeer belangrijk daarbij is wel de juiste tekstuele vormgeving.
De volmacht wordt regelmatig uitgebreid met bepalingen over wie men in geval van bewind of mentorschap graag als bewindvoerder of mentor zou willen zien, of wie net niet. Wanneer de akte ook nog wordt uitgebreid met euthanasie-bepalingen en andere concrete bepalingen en instructies (over de eigen zaak, medische behandeling of opvang van dieren) dan wordt er wel gesproken over een levenswilsbeschikking.
Veel cliënten met een normale gezinssituatie willen de uitvoerende taken in deze situaties binnen de kring van het gezin houden zonder in hun ogen onnodige rechterlijke beoordeling en toezicht.
Daarbij regelen partners dit in één akte samen, en voor het geval één van hen als langstlevende in een dergelijke situatie komt te verkeren.
De volmacht is overigens altijd herroepelijk.
Ook reislustige ondernemers kiezen regelmatig voor notariële vastlegging van de bevoegdheden van vertrouwenspersonen, waarnemers, vervangers, etc.

RESTANT EXECUTIE-OPBRENGST VALT NIET IN FAILLISSEMENT

De Hoge Raad heeft op 29 april 2011 uitspraak gedaan over een nogal eens voorkomende situatie.
Er vindt een executieverkoop van een woning plaats waarbij de woning is belast met hypotheek maar ook met beslagen.
De verkoopopbrengst komt op de rekening van de notaris, de hypotheek wordt afgelost.
Wanneer nu de eigenaar na de levering van het registergoed failliet gaat terwijl er een restant opbrengst nog op de zogenaamde kwaliteitsrekening van de notaris staat, valt deze niet in de failliete boedel. De beslagleggers kunnen een regeling treffen omtrent de verdeling van dit restant en dit kan worden afgewikkeld buiten de curator om.

Wat in de praktijk opvalt is dat weinigen ermee bekend zijn dat zowel de verhuurder als ook de curator een lopende huurovereenkomst tussentijds kunnen opzeggen met inachtneming van een opzegtermijn van maximaal drie maanden (artikel 39 Faillissementswet). De vordering van (en de vergoeding aan) de verhuurder in het faillissement kan dan behoorlijk lager uitvallen. De partij aan wie op wordt gezegd kan mogelijkerwijs een schadevergoeding vorderen. Een en ander is afhankelijk van of er iets is geregeld in het huurcontract en hoe dit is afgedekt (bankgarantie / contragarantie). Dat heeft de Hoge Raad nog eens bevestigd bij arrest van 14 januari 2011. Zowel huurder als verhuurder wordt aangeraden bij het aangaan van een dergelijke langlopende en ingrijpende verplichting van aanzienlijke omvang bij te laten staan door professionele hulp.

TOEKOMSTIGE KOOP

Partijen leggen vaak afspraken voor de toekomst vast in de vorm van een aanbiedingsplicht, een terugkooprecht, een voorkeursrecht, een voorkooprecht, een koopoptie.
Het komt vaak voor dat partijen de ene term gebruiken en in hun contractuele omschrijving de kenmerken gebruiken van een ander fenomeen.
Het verdient aanbeveling misverstanden te voorkomen en dit zeer secuur en deskundig te laten vastleggen.
Wanneer er toch verschil van inzicht is naar wat precies de afspraak is, wordt er volgens vaste jurisprudentie gekeken naar de materiële kenmerken, die men in de overeenkomst omschrijft.
Zo kan men iets wel een optie noemen, maar wanneer het in de nadere uitwerking de kenmerken van bijv. een voorkeursrecht heeft dan wordt deze variant juridisch gevolgd. Dit kan grote gevolgen hebben. Bij een optie is er immers al een koop als de koper dat wil, maar bij een voorkeursrecht is er slechts een recht op onderhandeling.
Naast vaste rechtspraak kan de uitleg op grond van redelijkheid en billijkheid aanvullend maar ook beperkend werken. Zo gaat in de hoofdregel een voorkeursrecht over op erfgenamen, tenzij er een duidelijke persoonlijk karakter is.
Discussie kan echter over van alles ontstaan, zoals omtrent de prijs(bepaling) of de overdraagbaarheid van het recht. Daarom willen wij hier een paar belangrijke aspecten opsommen die in geen enkele tekst mogen ontbreken.
Een soort van checklist:

  • Omschrijf eerst de aanleiding en de bedoeling, eventueel ook de gang van zaken.
  • Benoem de regeling (etiketteer) en omschrijf het recht kort.
  • Maak duidelijk wie partijen zijn.
  • Beschrijf of hun rechten / plichten overgaan op erfgenamen of opvolgende eigenaren (bijv. met behulp van een kettingbeding).
  • Vermeld of de rechten kunnen worden overgedragen.
  • Vermeld de prestaties: object en prijs.
  • Indien de prijs nog bepaald moet worden: leg vast door wie, hoe en aan de hand van welke maatstaven.
  • Leg ook vast hoe lang een vastgestelde prijs geldig is.
  • Wanneer (bij welke gelegenheid) kan het recht worden uitgeoefend?
  • Welke procedure dient er te worden gevolgd (formaliteiten)?
  • Hoe lang duurt het recht (de termijn) en binnen welke tijd dient elke actie / reactie plaats te vinden?
  • Wat in geval van bijzondere omstandigheden zoals scheiding, faillissement etc.?
  • Wanneer is er sprake van wanprestatie en hoe wordt verzuim geconstateerd?
  • Welke gevolgen heeft wanprestatie (boete, schadevergoeding)?
  • Welke zekerheid wordt er gesteld (bankgarantie, waarborgsom, borgstelling van een derde)?
  • Hoe wordt het recht gepubliceerd om werking tegen derden te verwerven (kadastrale inschrijving)?
  • Is er een vergoeding verschuldigd voor het aangaan van de overeenkomst, bijv. een optie-vergoeding?
  • Bepaal hoe de uiteindelijke nakoming wordt uitgevoerd, bijvoorbeeld levering en betaling via een notaris.
  • Leg eventuele bijzonderheden vast zoals aanvullende voorwaarden en rechten / plichten.

In de praktijk wordt niet altijd even zorgvuldig gehandeld. Soms blijven afspraken gewoon mondeling! Dit levert wel de hoogste kans op misverstanden en problemen.

Nieuw belastingparadijs ontdekt in Griekenland. (klik voor een grotere versie)

ALERT HANDELEN VAN SCHULDEISERS GEVRAAGD

Normaal gesproken is bij meerdere gelegde beslagen de volgorde van beslaglegging niet van invloed op de positie in de afwikkeling c.q. verdeling van een verkoopopbrengst (bijvoorbeeld van een onroerende zaak). Wanneer bij verkoop van die onroerende zaak er meerdere beslagleggers zijn, dan zijn deze in beginsel gelijk aan elkaar ongeacht in welke volgorde er beslag is gelegd.
Natuurlijk is er een uitzonderingspositie voor de Belastingdienst.
Er zijn verschillende soorten beslag, zoals verhaalsbeslag (om betaling af te dwingen), leveringsbeslag (om levering af te dwingen) en maritaal beslag (i.g.v. echtscheiding). Beslag is conservatoir (ter bescherming van rechten) of executoriaal (ter uitvoering). Voor beide vormen is er een rol weggelegd voor de rechter.
Derdenbeslag wil zeggen dat men bij een derde beslag legt op tegoeden of goederen van de schuldenaar die deze derde onder zich heeft.

Het verdient als schuldeiser aanbeveling zo snel als er sprake is van wanprestatie en overweegt beslag te leggen, te onderzoeken of het betreffende pand te koop staat c.q. misschien zelfs al is verkocht. Er is immers een groot verschil of het beslag gelegd is vóór of na inschrijving van de te sluiten of reeds gesloten koopovereenkomst in het kadaster.
Wanneer een koop tot stand komt kan de koper de overeenkomst door de notaris laten inschrijven ter bescherming van zijn belangen (bijvoorbeeld tegen dubbele verkoop, faillissement, etc.). Dit betekent echter ook dat bij de afwikkeling de notaris alleen rekening hoeft te houden met beslagen die waren gelegd vóór de inschrijving van de koopovereenkomst. Latere beslagleggers vissen achter het net.
Dit fenomeen heet 'Vormerkung' en werkt 6 maanden vanaf de dag van inschrijving.
Het verdient mitsdien aanbeveling goed onderzoek te doen en meteen te handelen in de vorm van beslaglegging.

Overigens wordt op dit gebied een pro-actieve rol van de notaris gevraagd. Hij dient waar nodig uit eigen beweging ongevraagd (dringend) te adviseren de koopovereenkomst (toch) in het kadaster in te schrijven. Hij mag niet berusten in een standaard ogende clausule in de koopovereenkomst, dat de notaris de overeenkomst niet hoeft in te schrijven. Bij het niet opvolgen van een verzoek tot inschrijving is er al zeker sprake van aansprakelijkheid bij de notaris (Rechtbank Utrecht 27 juli 2011).

Deurwaarders hebben bij beslaglegging, veelal op straffe van nietigheid, te voldoen aan nauwkeurige voorschriften. Dit gaat vrijwel altijd goed. Soms worden echter verkeerde keuzes gemaakt of wordt er niet goed geformuleerd. De deurwaarder weet natuurlijk ook niet altijd wat er gaande is. Doe mitsdien altijd zelf enig feitelijk onderzoek. Ook hier kan uw notaris helpen.

Overigens deed de Rechtbank Zutphen nog een aardige uitspraak. Een verkoper verkocht op rij aan twee verschillende kopers. De tweede koper wist van de bindende overeenkomst met de eerste koper. De tweede koper liet echter zijn koopovereenkomst inschrijven in het kadaster. De eerste koper legde daarop leveringsbeslag. De tweede koper eiste ondanks het beslag nakoming vanwege zijn beschermende inschrijving, doch dit ging volgens de Rechtbank ten opzichte van de eerste koper niet op, wegens kwade trouw. Als verkoper geleverd zou hebben aan de tweede koper zou dit door de rechter ongedaan zijn gemaakt en zou alsnog door of namens verkoper levering aan de eerste koper moeten plaatsvinden.

Bij een dergelijke botsing van aan elkaar tegengestelde rechten kan de notaris zijn vakmanschap tonen door met inachtneming van alle aspecten het dossier volgens de regels der juridische kunst te behandelen en tot een goed einde te brengen.

INTERPRETATIE VAN TESTAMENTEN

Bij herhaling oordelen rechters dat testamenten van enige tijd geleden niet meer geldig zijn als de persoonlijke situatie van de overledene aanzienlijk is gewijzigd maar er geen nieuw testament is gemaakt. Voorbeeld: Rechtbank Zutphen 28 maart 2011.
Het verdient dus zeker aanbeveling een testament dat bijvoorbeeld door een sterfgeval, scheiding, huwelijk of het krijgen van kinderen gedeeltelijk achterhaald is te vernieuwen.
Ook werd al een regeling die geschreven was voor het geval van een huwelijk terwijl de partners nooit in het huwelijk waren getreden, toch als langstlevende-regeling uitgelegd (Rechtbank Haarlem 1 juni 2011).
Pas dus op met het bij voorbaat regelen voor situaties die nog niet aan de orde zijn.
Wij namen ook kennis van andere gevallen van vrije / eigen uitleg van testamentaire bepalingen zo gauw er ook maar enige vorm van gedateerdheid (oud recht) of onduidelijkheid valt te bespeuren (Rechtbank Alkmaar 20 juli 2011, Rechtbank Leeuwarden 24 augustus 2011).
Het zeer scherp en zuiver redigeren van het testament is, zeker voor de langere termijn, van groot belang.
Natuurlijk is het achteraf door de rechter repareren van misverstanden, misvattingen of ongewenste situaties in het belang van de rechtvaardigheid (lees: redelijkheid en billijkheid) doch aangezien de overledene niets meer kan zeggen, verdient het altijd aanbeveling ernaar te streven dit te voorkomen door een helder en juridisch goed geformuleerd testament. Laat het regelmatig checken.

INSOLVENTIERECHT IN DE AANDACHT

Met de crisis zijn ook de nodige bedrijven en in toenemende mate ook particulieren in financieel zwaar weer geraakt.
Dit betekent natuurlijk dat alertheid geboden is bij het aangaan van verbintenissen. Het simpelweg vastleggen van verplichtingen en rechten over en weer is zeker niet altijd voldoende. Bij niet-nakoming van de andere partij heeft men immers vaak ook zelf een probleem.
Het contractueel bij voorbaat regelen van deze situatie -en dan wel goed- is sterk aan te bevelen (boetebeding, recht op schadevergoeding).
Men kan daarnaast de gevolgen van niet-nakoming verder afdekken door het regelen van zekerheden (waarborgsom, depotstorting, aanbetaling, hypotheek, pandrecht, borgstelling door derden). Wanneer de wederpartij in een algemene toestand van wanbetaling (insolventie) terecht komt wordt het nog spannender. De kans dat nakoming volledig achterwege blijft, en ook de gevolgen daarvan niet kunnen worden geëffectueerd, wordt dan steeds reëler. Dit kan komen omdat er onvoldoende verhaalsmogelijkheden zijn, maar ook doordat er meerdere schuldeisers bestaan.
Het insolventierecht is het gedeelte van het Nederlands recht dat reguleert de rechtsposities tussen schuldeiser en schuldenaar maar ook tussen verschillende schuldeisers onderling. Er zijn per definitie dan sterk aan elkaar tegengestelde belangen, waarbij schuldeisers altijd het gevoel beleven van ´tekort zijn gedaan´.
Nu er steeds vaker situaties van niet-nakoming zich voordoen in het kader van een algemene toestand van insolventie van de betrokkene, nemen ook de situaties toe waarin daarover juridische uitspraken worden gedaan.
Dientengevolge is het insolventierecht in de volle aandacht van vele juristen gekomen. Het was dan ook niet verbazingwekkend dat dit in 2011 het hoofdonderwerp was van het landelijk wetenschappelijke overleg binnen het notariaat. In augustus verscheen daaromtrent een standaardwerk van de hand van enkele schrijvers. Ook het aantal cursussen ter zake is toegenomen.
De vele situaties, die kunnen ontstaan, moet men ook als notaris kunnen inschatten en juridisch duiden. De notaris dient ook bij het maken van afspraken meer dan ooit ook rekening te houden met situaties van niet-nakoming, ja zelfs van zich later voordoende insolventie.
Daarbij doet zich de moeilijkheid voor dat de notaris zich in beginsel onpartijdig dient op te stellen. Het ligt dus eigenlijk niet op zijn pad om de ene partij te adviseren en contractueel te beschermen tegen de ander.
Hierbij maakten de tuchtrechter en de civiele rechter overigens reeds enkele malen verschil tussen:

  • het openlijk optreden namens een partij, en: het in algemene zin informeren en adviseren van een partij;
  • het opmaken van een contract op modelbasis, en: het concipiëren van een gebalanceerde overeenkomst waarin ook regelingen inzake niet-nakoming en insolventie zijn opgenomen.

De onpartijdigheid mag niet leiden tot lijdelijkheid en passiviteit. De notaris moet actief streven naar een kwalitatief hoogwaardige overeenkomst, waarbij hij ook eigen initiatief en creativiteit hanteert. Als hij grote onvolkomenheden in de overeenkomst bespeurt, dient hij daarop te wijzen, of na te vragen of er geen andere afspraken zijn op bepaalde punten. Waar nodig leidt hij aanvullende onderhandelingen.
Onpartijdigheid verplicht hem wel er voor te zorgen dat de belangen van beide zijden voldoende en gelijkwaardig worden behartigd.
Indien daarbij een partij een vorm van overwicht heeft, dient hij het belang van de andere partij extra aandacht te geven.
In toenemende mate wordt in de praktijk een beroep gedaan voor het ontwerpen van een overeenkomst of het beoordelen daarvan (soms als second opinion).
Daarbij mogen eisen worden gesteld. Ook wat betreft het rekening houden met insolventie.
Daarnaast dient ook de notaris steeds vaker, soms in zeer complexe situaties, achteraf regelend op te treden tussen meerdere schuldeisers onderling, of tussen schuldeiser en schuldenaar. Daarbij heeft hij echter slechts zelden een beslissende stem. Hij kan vooraf aangewezen zijn als arbiter of bemiddelaar.
Wat in elk geval van hem verwacht mag worden is dat hij de situatie afhandelt naar de bestaande regels. Soms is daarvoor een kort geding nodig of een verklaring voor recht.
Er gaan met de toenemende betrokkenheid en expertise stemmen op om notarissen met hun professionele gewend zijn aan onpartijdigheid (of misschien beter: meerpartijdigheid) vaker te benoemen tot vereffenaar, executeur, bewindvoerder of curator.
Gelet op het vorenstaande mogen er hogere eisen gesteld worden aan de notaris zowel qua advies en informatie als ook in een rol van tussen partijen staande betrokken onpartijdige.
Toegevoegde waarde wordt aldus bewezen door het voorkomen of beperken van sterke onredelijke nadelige gevolgen voor contractspartijen of betrokken schuldeisers.
Partijen kunnen dit aansturen door zich in geval van meningsverschil of geschil zich contractueel bij voorbaat te verplichten tot bindend advies of arbitrage door een notaris.

Fiscaal advies is belangrijk: het geld ligt op straat! (klik voor een grotere versie)

VERJARING: 1 JANUARI 2012 NADERT

Omdat een fatale datum nadert willen we nog eens de basisregels van verjaring op een rijtje zetten.
Verkrijging van recht (bijvoorbeeld eigendom) door verjaring kan:

  • Bij onafgebroken bezit te goeder trouw gedurende tien jaar. Er is een notariële verklaring voor nodig, die aan bepaalde eisen moet voldoen.
  • En bij ontbreken van goede trouw: bij bezit op het moment twintig jaar na het begin van de eigendomsinbreuk. Dit dient gerechtelijk te worden vastgesteld.

Een aantal belangrijke zaken:

  • Wanneer de een verkrijgt door verjaring, gaat andermans recht daardoor teniet. Soms kan echter door verjaring uitsluitend geen beroep meer worden gedaan op een eigen recht, zonder dat verkrijging of verval heeft plaats gevonden.
  • Voor termijnen geldt voortzetting daarvan door elkaar opvolgende bezitters.
  • In de praktijk bestaat enige jurisprudentie over de termen goede trouw en bezit. Vaak is niet geheel duidelijk wat eigendom is (eigen recht) en wat men in bezit heeft (feitelijke macht). Dit is niet altijd even kenbaar op grond van de kadastrale kaarten. Er zijn marges.
  • Een lopende verjaring kan worden gestuit. Stuiting kan door herstel van de oorspronkelijke toestand, of door schriftelijke mededeling, binnen zes maanden gevolgd door een daad van rechtsvervolging. Dit laatste kan gaan in de vorm van een verklaring voor recht dat er geen sprake is van bewijs van een voltooide verjaring. Men kan natuurlijk ook direct naar de rechter stappen. Een schriftelijk verzoek tot ontruiming (bijv. aankondiging dat het hek wordt verplaatst naar de erfgrens) is een daad van stuiting.
  • Hof Leeuwarden heeft in 2010 expliciet bepaald dat een huurder nooit middels verjaring eigendom kan verkrijgen. In het desbetreffend geval bleek de huurder naast het gehuurde object ook een stuk grond van de buren in gebruik te hebben. Ondanks goede trouw en een voltooide termijn kan er volgens het Hof geen verkrijgende verjaring ontstaan omdat het gehuurde hoofdobject niet in bezit is als eigenaar maar wordt gehouden als gebruiker. De huurder moest het stuk grond dientengevolge ontruimen.
  • Er is aparte jurisprudentie voor erfdienstbaarheden, bijvoorbeeld recht van overpad, die wegens de wetswijziging van 1992 tot 1 januari 2012 doorwerkt.
  • Er is ook afzonderlijke jurisprudentie in geval van grensoverschrijdende bebouwing, bijvoorbeeld gemetselde schutting, serre of garage op andermans grond.

In specifieke situaties: altijd eerst onderzoeken, analyseren en concluderen (met behulp van deskundigen) en dan gaan overleggen of onderhandelen.

Dat was het weer voor deze keer.
Bedankt voor uw aandacht.

Notariskantoor Moonen.